naar de homepage
  • Home
  • Even voorstellen
  • De Pens!oenScan
  • DGA
  • Accountants
  • Werkgever
  • Werknemer
  • Partners
  • Weetjes
  • Contact
  • Pensioen van de Zaak
  • Ontslag
  • Pensioenaanvulling
  • Echtscheiding
  • Overlijden
  • Financiele Planning
  • Levensloop
  • Nieuwe Werkgever

Levensloop

Met de levensloopregeling kunnen werknemers een deel van hun brutosalaris sparen. Dit spaargeld kan worden gebruikt voor een periode van onbetaald verlof. U kunt meedoen aan de levensloopregeling als u werknemer bent. U moet in Nederland werken.

 1. Hoe werkt de
levensloopregeling?
 2. Wat moet u met uw
werkgever regelen als u
wilt meedoen aan de levensloopregeling?
 3. Hoeveel geld kunt u
sparen in de
levensloopregeling?
 4. Hoe neemt u geld op
van de
levenslooprekening?
 5. Wat is uw
belastingvoordeel als u
meedoet aan de
levensloopregeling?
 6. Hoe krijgt u
ouderschaps-
verlofkorting?

7. Kunt u de
levensloopregeling
gebruiken voor
prepensioen?

 8. Welke gevolgen
heeft de deelname aan
de levensloopregeling
voor de sociale uitkeringen?
 9. Mag u deelnemen
aan de levensloopregeling
én de spaarloonregeling?
 10. Wat gebeurt er met
het levenslooptegoed
bij overlijden?
 11. Wat gebeurt er met
het levenslooptegoed
als u geen werk
meer hebt?
 12. Kunt u uw
ouderdomspensioen
aanvullen met
levenslooptegoed?

 

Hoe werkt de levensloopregeling?
Met de levensloopregeling spaart u een deel van uw brutosalaris. Dit spaargeld kunt u opnemen als u later een tijd met onbetaald verlof wilt gaan. De reden waarom u het verlof opneemt is niet belangrijk. U kunt bijvoorbeeld verlof opnemen als:
- u moet zorgen voor een ernstig ziek kind of ouders (langdurend zorgverlof);
- u een jaar vrij wilt om tot rust te komen of te reizen (sabbatical);
- u voor kinderen onder de acht jaar moet zorgen (ouderschapsverlof);
- u een opleiding of cursus wilt volgen;
- u verlof wilt opnemen voordat u met pensioen gaat.
Het spaargeld uit de levensloopregeling kunt u gebruiken om de periode van onbetaald verlof te financieren.

Levenslooprekening/levensloopverzekering
Als u meedoet met de levensloopregeling wordt van uw brutoloon een bedrag ingehouden. Dit geld wordt gestort op een speciale spaarrekening die op uw naam staat. U kunt een rekening onderbrengen bij een instelling, een zogenaamde levenslooprekening of het geld storten in een levensloopverzekering. U kunt uw geld onderbrengen bij een verzekeraar, bank, dochter van een pensioenfonds of beheerder van een beleggingsinstelling.

Bijdrage werkgever
Uw werkgever kan bijdragen aan uw levensloopregeling. Hij is dit niet verplicht.

Gespaarde tijd
In overleg met uw werkgever kunt u ook gespaarde tijd omzetten in geld. Het gaat dan bijvoorbeeld om bovenwettelijke vakantiedagen, overwerkuren en adv-dagen. Het bedrag kan op uw levenslooprekening worden gestort. Uw wettelijke vakantiedagen kunt u niet omzetten in geld.

Maximaal
Per jaar kunt u maximaal 12% van uw brutoloon sparen. In totaal mag u maximaal 210% van uw bruto jaarloon sparen.

Rekenvoorbeelden

Na 2 jaar 12% van uw brutoloon sparen kunt u 3 maanden verlof financieren tegen 100% van het salaris.
Als u tijdens uw verlof genoegen neemt met 70% van uw inkomen, kunt u na bijna 6 jaar sparen 52 weken verlof financieren.
Belasting- en premieheffing
U spaart belastingvrij. Pas als u geld opneemt, betaalt u loonbelasting en de inkomensafhankelijke bijdrage voor uw zorgverzekering. Over de inleg op de levensloopregeling worden wel de premies voor de werknemersverzekeringen ingehouden. Hierdoor heeft de levensloopregeling geen gevolgen voor een eventuele WW-uitkering of arbeidsongeschiktheidsuitkering.

Wat moet u met uw werkgever regelen als u wilt meedoen aan de levensloopregeling?
U geeft bij uw werkgever aan dat u wilt deelnemen aan de levensloopregeling. U kunt er op elk moment van het jaar instappen. U mag niet deelnemen aan de levensloopregeling als u al gebruikmaakt van de spaarloonregeling. Uw werkgever heeft drie maanden de tijd om uw verzoek in te willigen. Als u wilt sparen in de levensloopregeling, mag uw werkgever dit niet weigeren.

Bijdrage werkgever
Uw werkgever kan bijdragen aan het tegoed op uw levenslooprekening. Hij is dit niet verplicht.

Opnemen verlof
Als u onbetaald verlof wilt opnemen, hebt u toestemming nodig van uw werkgever. Dit geldt niet als u ouderschapsverlof wilt opnemen. Voor langdurend zorgverlof geldt dat uw werkgever dit alleen kan weigeren als uw verlof het bedrijf of de organisatie in ernstige problemen brengt. Uw werkgever moet hiervoor goede argumenten hebben.

Verlofbeleid
Binnen uw bedrijf of in samenwerking met andere bedrijven kan uw werkgever een verlofbeleid hebben opgesteld. Hierin kunnen bijvoorbeeld regels staan over hoe lang u verlof mag opnemen en hoe u verlof moet aanvragen. Deze regels worden vaak opgenomen in een cao.

Collectieve regelingen
Uw werkgever kan u een collectieve levensloopregeling met een financiële dienstverlener aanbieden. U hoeft hier niet aan deel te nemen. U kunt ook kiezen voor een regeling bij een andere verzekeraar, bank, dochter van een pensioenfonds of beleggingsinstelling.

Meer dan een werkgever
Als u meer dan een werkgever hebt, kunt u bij iedere werkgever apart sparen voor de levensloop.

Terug naar boven

Hoeveel geld kunt u sparen in de levensloopregeling?
Per jaar kunt u maximaal 12% van uw brutoloon sparen. In totaal mag u maximaal 210% van uw bruto jaarloon sparen.
Als u het spaargeld hebt gebruikt, kunt u weer opnieuw sparen tot het maximum.

Meer sparen voor oudere werknemers
Als u op 31 december 2005 51 jaar of ouder was, maar nog geen 56 jaar, mag u per jaar meer dan 12% van het brutoloon sparen. In totaal mag u maximaal 210% van het bruto jaarsalaris sparen.

Als u op 31 december 2005 56 jaar of ouder was dan geldt er voor u geen overgangsregeling. U kunt gebruikmaken van de VUT en prepensioenregelingen met bijbehorende fiscale voordelen. Als er geen VUT of prepensioenregeling in uw bedrijf geldt, kunt u meedoen aan de levensloopregeling. U spaart per jaar maximaal 12% van uw brutojaarloon.

Rente
De rente op uw levenslooprekening wordt bijgeschreven op uw spaartegoed. U mag maximaal 210% van het bruto jaarloon sparen. De rente telt mee bij de berekening hiervan. Hebt u uw spaarmaximum bereikt, dan kan uw totale tegoed door de rente wel blijven groeien.

Hoe neemt u geld op van de levenslooprekening?
Als u geld wilt opnemen van de levenslooprekening geeft u dit aan bij de instelling die uw gespaarde geld beheert, bijvoorbeeld uw bank. Die instelling maakt het geld over naar uw werkgever. Uw werkgever houdt hierop loonheffing in, zoals loonbelasting en de premie volksverzekeringen. Het resterende bedrag maakt hij aan u over. U kunt het geld nu opnemen voor een periode van onbetaald verlof.

Maximaal opnemen
Als u geld wilt opnemen voor een periode van onbetaald verlof mag u per maand niet meer geld opnemen dan uw maandloon. Het gaat om het maandloon dat u ontving in de maand direct voorafgaande aan uw verlof.

Wat is uw belastingvoordeel als u meedoet aan de levensloopregeling?
Als u spaart via de levensloopregeling, hebt u recht op een korting op de inkomstenbelasting. Per jaar is de korting maximaal 199 euro. Dit is de levensloopverlofkorting. Deze korting krijgt u als u geld opneemt van uw levenslooprekening. U krijgt nooit meer korting dan u aan belasting moet betalen.

Partner
Mogelijk is uw inkomen te laag om van de levensloopverlofkorting gebruik te maken. Als uw partner wel voldoende belasting en premies betaalt, kunt u de levensloopverlofkorting opgeven op zijn aangifte voor de inkomstenbelasting.

Vermogensrendementsheffing
U hoeft geen vermogensrendementsheffing te betalen over het tegoed op uw levenslooprekening.

Ouderschapsverlofkorting
Als u onbetaald ouderschapsverlof opneemt kunt u ook ouderschapsverlofkorting krijgen. Bij voltijd verlof is dit ongeveer 650 euro per maand.

Terug naar boven

Hoe krijgt u ouderschapsverlofkorting?
Als u onbetaald ouderschapsverlof opneemt kunt u een ouderschapsverlofkorting krijgen. Dit is een fiscaal voordeel dat u via een heffingskorting krijgt. Bij voltijd verlof is dit ongeveer 650 euro per maand.

U vult de ouderschapsverlofkorting in op uw belastingaangifte. De Belastingdienst trekt het bedrag af van de inkomstenbelasting die u moet betalen.

Partner
Mogelijk is uw inkomen te laag om van de ouderschapsverlofkorting gebruik te maken. Als uw partner wel voldoende belasting en premies betaalt, kunt u de ouderschapsverlofkorting opgeven op zijn aangifte voor de inkomstenbelasting.

Ouderschapsverlofkorting in hoogte beperkt
De ouderschapsverlofkorting is in hoogte beperkt, De korting kan niet meer bedragen dan het verschil tussen het belastbare loon in het jaar dat u ouderschapsverlof opneemt en het belastbare loon in het daaraan voorafgaande jaar. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de Belastingdienst.

Betaald ouderschapsverlof
In uw cao kan staan dat uw ouderschapsverlof voor een deel wordt betaald door uw werkgever. U kunt dan uw gespaarde geld gebruiken voor het deel dat niet wordt vergoed door uw werkgever. Over deze onbetaalde verlofuren kunt u ook ouderschapsverlofkorting krijgen.

Kunt u de levensloopregeling gebruiken voor prepensioen?
U kunt uw gespaarde geld in de levensloopregeling gebruiken om eerder met pensioen te gaan.

Sneller sparen met de overgangsregeling
Als u op 31 december 2005 51 jaar of ouder was, maar nog geen 56 jaar, mag u per jaar meer dan 12% van het brutoloon sparen. Maximaal mag u 210% van uw bruto jaarsalaris sparen.

56 jaar en ouder
Als u voor 31 december 2005 56 jaar of ouder was dan geldt er voor u geen overgangsregeling. U kunt wel gebruikmaken van de VUT en prepensioenregelingen met bijbehorende fiscale voordelen. Als er geen VUT of prepensioenregeling in uw bedrijf geldt, kunt u meedoen aan de levensloopregeling. U spaart dan per jaar maximaal 12% van uw brutoloon.

Welke gevolgen heeft de deelname aan de levensloopregeling voor de sociale uitkeringen?
Bij het aanvragen van een bijstandsuitkering blijft uw opgebouwde spaartegoed van de levensloopregeling buiten beschouwing. Dit tegoed telt niet mee bij het vaststellen van uw vermogen of inkomen.

WW
Het sparen in de levensloopregeling heeft geen gevolgen voor de hoogte van een eventuele WW-uitkering.

Ziekte en arbeidsongeschiktheid
Het sparen in de levensloopregeling heeft geen gevolgen voor uw eventuele ziektewetuitkering of arbeidsongeschiktheidsuitkering.

AOW
Uw opgebouwde levenslooptegoed heeft geen gevolgen voor uw AOW-uitkering. In bepaalde gevallen kan opname van uw levenslooptegoed wel van invloed zijn op de AOW-partnertoeslag die uw partner voor u ontvangt. Voor meer informatie kunt u terecht bij de Sociale Verzekeringsbank, SVB.nl.

Hebt u het spaartegoed nog niet opgenomen als u met pensioen gaat? Dan krijgt u het opgebouwde tegoed op de dag voordat u met pensioen gaat in een keer uitbetaald.

Terug naar boven

Mag u deelnemen aan de levensloopregeling én de spaarloonregeling?
Elk jaar kunt u kiezen aan welke regeling u wilt deelnemen: de spaarloonregeling of de levensloopregeling. U kunt niet tegelijkertijd aan beide regelingen deelnemen. U kunt wel in één jaar uit beide regelingen geld opnemen.

Bij de spaarloonregeling spaart u niet voor een bepaald doel. U kunt uw spaargeld dus overal voor gebruiken. Spaargeld uit de levensloopregeling moet u gebruiken voor een periode van onbetaald verlof.

U mag elk jaar wisselen van regeling.

Wat gebeurt er met het levenslooptegoed bij overlijden?
Wat er met uw tegoed op de levenslooprekening gebeurt als u komt te overlijden is afhankelijk van de manier waarop u gespaard hebt. U kunt gespaard hebben via een bank of een verzekeringsmaatschappij. Ook is het afhankelijk van de gemaakte afspraken.

Spaarrekening
Als uw tegoed op een spaarrekening staat, dan ontvangen uw erfgenamen dit tegoed. De loonbelasting en de bijdrage voor de zorgverzekering worden ervan afgetrokken. Ook betalen uw erfgenamen successierecht over het tegoed. Er is geen recht op een levensloopkorting.

Verzekering
Als u het tegoed hebt gestort in een verzekering of een beleggingsproduct, dan kan het zijn dat het overlijdensrisico voor uw rekening komt. U ontvangt dan waarschijnlijk tijdens het leven een hogere uitkering. Bij overlijden houdt de verzekeringsmaatschappij het resterende tegoed. Uw nabestaanden ontvangen niets.

Wat gebeurt er met het levenslooptegoed als u geen werk meer hebt?
Als u werkloos wordt, blijft uw levenslooptegoed op uw levenslooprekening staan. De oorzaak van uw werkloosheid is niet van belang. U hebt (tijdelijk) geen werk, maar zodra u werk hebt gevonden, kunt u verder sparen.

Levenslooptegoed als aanvulling op inkomen
De levensloopregeling is bedoeld om een periode van onbetaald verlof te financieren. Daarom kunt u het tegoed niet opnemen voor een ander doel, zoals het overbruggen van een periode waarin u geen of te weinig inkomen hebt. Bijvoorbeeld als u werkloos bent.

Faillissement werkgever
U krijgt het levenslooptegoed altijd uitbetaald via uw werkgever. Als u door een faillissement geen werk meer hebt, moet uw ex-werkgever het tegoed aan u uitkeren. Alleen als uw ex-werkgever niet meer te vinden is, zal de financiële instelling het tegoed aan u uitkeren. Hoe dat gebeurt (ineens of in termijnen) is afhankelijk van de afspraken die u hierover met de financiële instelling hebt gemaakt. Als u het tegoed laat uitkeren hebt u geen recht op de levensloopverlofkorting. U kunt er ook voor kiezen het tegoed te laten staan totdat u een nieuwe werkgever hebt gevonden. Als u het tegoed dan opneemt, hebt u wel recht op de levensloopverlofkorting.

Afkoop levenslooptegoed
Als u een levenslooprekening hebt, kunt u het tegoed alleen afkopen aan het einde van de dienstbetrekking. De mogelijkheid om het tegoed af te kopen moet in de levensloopregeling schriftelijk zijn vastgelegd. U betaalt in één keer loonbelasting over het tegoed. U hebt geen recht op de levensloopverlofkorting.

Nog tegoed over en pensioen in zicht
Komt u niet meer aan het werk en hebt u nog een tegoed op uw levenslooprekening staan, dan wordt het tegoed in één keer aan u uitbetaald als u 65 wordt. U hebt wel recht op de levensloopverlofkorting. Die wordt verrekend met de loonbelasting, premie volksverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage voor de zorgverzekering.

Terug naar boven

Kunt u uw ouderdomspensioen aanvullen met levenslooptegoed?
Alleen als u een pensioengat hebt, kunt u uw ouderdomspensioen aanvullen met uw gespaarde levenslooptegoed.

Pensioengat en levensloopregeling
U bouwt een levenslooptegoed op op een levenslooprekening. U laat de financiële instelling weten wat uw plannen zijn. Dan kan bijvoorbeeld het geld eerst gespaard worden op een spaarrekening met hoge rente. Dat bedrag kunt u belastingvrij doorstorten naar uw pensioenrekening of pensioenvoorziening. Dit bedrag moet u uiterlijk één dag voor u 65 jaar wordt, of één dag voor het ingaan van uw ouderdomspensioen (als dat eerder of later zou zijn dan op uw 65e jaar) doorstorten.
In dit geval krijgt u geen levensloopverlofkorting.
Hebt u daarna nog levenslooptegoed over, dan wordt dit restant uitgekeerd en belast als loon.

Uitkeren levenslooptegoed bij einde loopbaan
Wordt aan het einde van uw loopbaan (een deel van) uw levenslooptegoed ineens uitgekeerd, dan hebt u wel recht op de levensloopverlofkorting. Die wordt verrekend met de loonbelasting, premie volksverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage voor de zorgverzekering die u dan moet betalen.

Print